Wereldtopper Dick Jaspers wint de Masters – Raymund Swertz zesde!!

BERLICUM – Het rood-wit-blauw van de Nederlandse vlag wappert na de Jumbo Masters van 2018 weer een jaar langer voor Dick Jaspers. De beste biljarter van zijn land in het driebanden prolongeerde zijn titel met een zeldzame suprematie. Op de Masters in het Brabantse Berlicum, het toernooi met de beste zestien Nederlandse spelers, kon niemand de inmiddels 19-voudige kampioen bedreigen. Jaspers blijft met grote voorsprong de onbetwiste topspeler van zijn land en is niet voor niets de enige Nederlander in de top van de wereldranglijst.

Het verschil met de nationale (sub)top werd in de Masters weer eens benadrukt. De Brabander was superieur van start tot finish. Zelfs in de twee laatste partijen van het toernooi, waarin Jaspers tegenover spelers met een grote, meelevende supportersclub stond, bleef de kampioen koel, oppermachtig en onverstoorbaar. Harrie van de Ven kwam in de finale een straatlengte tekort (40-13 in 14 beurten) en Jean van Erp stuitte op de slotdag in de halve finale ook op de enige speler van wereldklasse in dit gezelschap. Harrie van de Ven, de revelatie van de Masters, zei in zijn nabeschouging: ,,Wij kunnen allemaal van elkaar winnen, maar tegen Jaspers is dat wel heel, heel moeilijk.” Dick Jaspers zelf zei na de twee beslissende wedstrijden in een heksenketel van supporters: ,,Ik ben zo geconcentreerd, dat ik geen last heb van juichende fans van mijn tegenstander. Het is fantastisch om in zo’n sfeer te biljarten”

De 52-jarige maestro, in zijn prachtige wit-grijze outfit, liep op de Masters overal doorheen met een surplus aan klasse. De nummer drie van de wereld had een plaats kunnen stijgen, maar omdat Eddy Merckx in België kampioen werd in de finale tegen Frédéric Caudron, blijft de top drie ongewijzigd: 1 Caudron, 2 Merckx, 3 Jaspers. De lage landen regeren in de mondiale wereld van het driebanden en waren dit weekend in de eigen kampioenschappen onaantastbaar.

Dick Jaspers was op de Masters bovenbaas vanaf de start met een ongeslagen reeks, overwinningen op Barry van Beers, Martien van der Spoel en Therese Klompenhouwer en 2.222 gemiddeld. De Brabander versloeg daarna Jean Paul de Bruijn in de kwartfinale met 40-11 in 19, Jean van Erp in de halve finale met 40-34 in 23 en tenslotte Harrie van de Ven in de finale. Jaspers in een reactie: ,,Ik vind het altijd geweldig om in eigen land te spelen en ik weet dat ik niemand mag onderschatten. Het niveau in Nederland ligt echt wel hoog hoor. Ik speel over een heel toernooi altijd wel de hoogste moyennes, maar je blijft altijd kwetsbaar in een partij over 40 punten. Er zijn in Nederland tenminste tien spelers die een partij met 2, 2,5 uit kunnen spelen. Het komt op posities aan, op hard werken en op een beetje meeval. Je moet altijd alert zijn en slagvaardig.”

Alleen tegen Jean van Erp, in de halve finale kwam Jaspers pas tegen het eind op een veilige voorsprong. ,,Het was mijn moeilijkste wedstrijd, omdat ik gespannen was en vooral deze partij absoluut wilde winnen. Jean is een stugge tegenstander, die zelf ook hard werkt om te winnen. Ik wist natuurlijk dat Jean zijn supportersclub achter zich had, maar dat is hartstikke mooi. Hij had zijn supporters gevraagd om sportief te blijven, ook tegenover zijn tegenstander, maar dat zijn ze altijd. Ik heb er totaal geen last van onder het spelen. De Masters is echt het mooiste toernooi van Nederland en ik geniet van de sfeer. Het is allemaal zo anders geworden met deze organisatoren. Het publiek is prachtig, er is beleving, sfeer, alles wat het biljarten zo nodig heeft. Als je dit vergelijkt met tien, twintig jaar geleden, dan zijn we nu zo veel verder. Ik kan de twee organisatoren niet genoeg bedanken voor het vele werk en de omslag die ze teweeg hebben gebracht.”

Op de vraag of Jaspers het niveau in eigen land niet is ontgroeid, is hij kort en krachtig. ,,Helemaal niet, omdat ik weet dat ik er zelf ook hard voor moet blijven werken. De tegenstand was hier misschien iets minder, maar om de Masters te winnen, moet je top zijn. Ik geef toe, spelers als Burgman, De Bruijn, Christiani waren niet echt goed. Het is jammer dat sommige spelers stil zijn blijven staan in hun progressie, maar ze kunnen heel goed biljarten. Topsport kan alleen heel hard zijn: als je veel hebt getraind, wil dat niet altijd zeggen dat je goed speelt en wint. Dat heb ik in World Cups genoeg ervaren.”

Jaspers heeft zin in het nieuwe jaar met veel nieuwe uitdagingen: een verdubbeling van het prijzengeld, nieuwe, grote toernooien op de kalender, een nieuw tijdperk in het mondiale driebanden. ,,Ik heb er veel zin in om er bij te zijn. Ik start met de ambitie om veel mooie prijzen te pakken. Aan mijn motivatie en beleving zal het niet liggen. Ik train er keihard voor en ben er goed mee bezig. Het wordt een spannend jaar voor ons allemaal.”

Harrie van de Ven, hoewel kansloos in de finale, kon ook terugkijken op een sterk toernooi. De come-back, na een ongelukkige periode (een schorsing na het gebruik van een onschuldig pilletje) was indrukwekkend met een ongeslagen voorronde-reeks, winst op Barry van Beers in de kwartfinale (40-29 in 24), op Raimond Burgman in de halve finale (40-26 in 21) en de ontgoocheling van een mindere finale tegen Jaspers.

Raymund Swertz, de kaderspecialist die debuteerde op de Masters, was ook een verademing om in deze discipline aan het werk te zien. De Limburger versloeg twee kanshebbers, Glenn Hofman en Jean van Erp, in de voorronden en struikelde pas in de knock-out over Jean van Erp met 40-27. Swertz, die training in driebanden krijgt van Raimond Burgman, keek met veel voldoening terug. Hij vertelde na afloop: ,,Ik ga mijn carrière wat anders aanpakken vanaf nu. Meer driebanden spelen en minder klassieke spelen. Het is een uitdaging om te kijken hoe ver ik kan komen in driebanden. Ik zal de andere disciplines er wel bij blijven doen, omdat ik het graag doe, maar de focus zal meer op driebanden liggen.”

Jean van Erp, die zo’n schitterend publiek achter zich had, vormde uiteindelijk de enige bedreiging voor Jaspers in zijn halve finalepartij, waarin hij lang bijblijf, maar tenslotte ook moest buigen voor de kampioen. Voor Van Erp was het de tiende keer op rij dat hij bij de beste vier was in de Masters. Hij was één keer kampioen in die tien jaar, één keer tweede en acht keer derde. ,,Ik ben er trots op, ook al weet ik dat alleen winnen telt.”

Van de overige nationale toppers was Raimond Burgman op routine nog de beste, Dave Christiani stelde teleur met maar één winstpartij in de voorronden (tegen De Bruijn) en een zeer matig gemiddelde van 1.184. Glenn Hofman, twee keer tweede in de afgelopen twee jaar, sneuvelde in de voorronden tegen Raymund Swertz en Jean van Erp en was zeker niet goed. Jean Paul de Bruijn zit al een heel seizoen in een vormcrisis, kon zich met één winstpartij en twee verloren partijen nog min of meer gelukkig plaatsen voor de knock-out, maar beleefde dan tegen Dick Jaspers een totale ontgoocheling: 40-11 in 19, 2.105 voor de winnaar, 0.578 voor De Bruijn.

De organisatie kreeg na afloop vele complimenten. De Hagenaar Ferry van der Veen (je houdt van hem, of je vindt het allemaal wat te veel show) was de spraakwaterval en entertainer, die het publiek bespeelde en voor het eerst in de historie het publiek in een biljartarena tot een echte wave kon verleiden. Ad Smout, met Harry Matthijssen organisator van de Masters, keek na afloop super tevreden terug. ,,We doen iets wat aanslaat bij het publiek en krijgen elk jaar meer complimenten. De tribunes zaten elke dag vol met zo’n 325 mensen, totaal over vier dagen 1300 man. Geweldig om te zien. Op zondag voor de finales moesten we mensen zelfs teleurstellen. We zaten tjokvol.”

De eindstand van de KNBB Jumbo Masters 2018 (gemiddelde en hoogste serie):

1 Dick Jaspers 2.181-11
2 Harrie van de Ven 1.356-9
3 Jean van Erp 1.473-7
3 Raimond Burgman 1.215-7
5 Jeffrey Jorissen 1.403-9
6 Raymund Swertz 1.225-7
7 Barry van Beers 1.312-7
8 Jean Paul de Bruijn 1.149-9
9 Martien van der Spoel 1.202-8
10 Dave Christiani 1.184-5
11 Glenn Hofman 1.112-11
12 Huub Wilkowski 0.981-6
13 Roland Uijtdewillegen 1.048-12 (hoogste serie van het toernooi)
14 Therese Klompenhouwer 0.987-6
15 Sander Jonen 0.964-7
16 Frans van Schaik 0.747-6.

tekst: Frits Bakker